Wijze van bouwen

Bouwen in de binnenstad vraagt extra aandacht voor de omgeving om schade aan de omgeving te voorkomen en hinder tot een minimum te beperken. Voor dit project worden hinder verminderende technieken toegepast zoals het plaatsen van damwanden, boren van ankers en aanbrengen dan betonnen diepwandpanelen. Dit neemt de overlast van de bouwwerkzaamheden niet geheel weg, maar geeft wel een duidelijke vermindering van de overlast.

De techniek is deels bepalend voor het risico voor schade aan de omgeving. Naast de juiste inzet van techniek, vindt tijdens de bouw ook monitoring plaats. Ruim voor de start van het werk is de staat van diverse panden rondom het toekomstige bouwterrein opgenomen door een bouwkundig bureau. Dit is gedaan met fotografie, schouwen en bouwkundige opnames. Daarnaast wordt de omgeving tijdens de bouwwerkzaamheden met behulp verschillende meetinstrumenten continu gecontroleerd zodat er direct actie kan worden genomen mocht er een ongewenste verandering zijn in de bestaande situatie.

Diepwanden

De diepwandpanelen vormen de ruwbouwconstructie van de parkeergarage. Het plaatsen van diepwandpanelen is een geluids- en trillingsarme methode en geschikt voor binnenstedelijke ondergrondse projecten. Diepwandpanelen worden gemaakt door vanaf maaiveld een sleuf te ontgraven tot een vooraf vast te stellen diepte.

Ter voorkoming van instorten van de sleuf wordt de ontgraven grond vervangen door een steunvloeistof met speciale eigenschappen (bentoniet). In de sleuf worden vervolgens wapeningskorven aangebracht, waarna de sleuf van onderaf wordt gevuld met beton met behulp van stortkokers. Hierbij wordt de aanwezige bentoniet verdrongen en bovenin de sleuf afgepompt. Door het aanbrengen van naast elkaar gelegen panelen wordt een doorgaande wand verkregen. Na uitharden hiervan kan deze worden ontgraven.

diepwanden

Onderwaterbeton en ankers

Tijdens het ontgraven van de bouwput wordt er water in de bouwkuip gelaten. Het water is noodzakelijk om voldoende waterdruk te houden op de bodem tijdens het ontgraven. Het ontgraven van de bouwput vindt dus onder water plaats. Voor het plaatsen van de constructieve vloer wordt op de bodem (onder water) een massieve betonplaat gestort door middel van ‘onderwaterbeton’. Deze betonnen vloer wordt gekoppeld aan ankers. In totaal worden bijna 600 ankers geplaatst en verbonden aan de vloerconstructie van de parkeergarage. De ankers zorgen dat de parkeergarage op z’n plek blijft. Als de vloerconstructie gereed is kan het water veilig weggepompt worden. De bouwput is dan gereed voor de bouw van het interne skelet van de parkeergarage.

SAM_6104

Verpompen grond

Om transportbewegingen in de stad te beperken wordt overbodige grond uit de cilindervormige bouwput verpompt naar een locatie buiten het centrum. Vanaf deze locatie wordt het na enige tijd verder getransporteerd naar een gronddepot. De bouwput van de parkeergarage met een diepte van ruim 16 meter. Dit scheelt circa 60 vrachtwagens per dag die anders de grond van de bouwkuip zouden afvoeren.

Monitoring

Om veranderingen in de panden tijdens de bouw goed in de gaten te houden zijn er meetspiegels boven- en onderaan de gevels geplaatst van de omliggende panden. Door middel van deze spiegels wordt de positionering van de panden gemonitord. De monitoring vindt plaatst via een ‘total station’, een landmeetkundig apparaat voor automatische monitoring van de panden. Op een aantal panden is in overleg met de eigenaar een total station aan de gevel geplaatst.

De total station is een landmeetkundig apparaat. Met het apparaat kunnen geen opnames worden gemaakt. Het apparaat draait continu rond om de positie van de omliggende panden te meten. Het apparaat meet de positie van de meetspiegeltjes en controleert eventuele afwijkingen. Als er veranderingen zijn in de meetresultaten, wordt dit gesignaleerd en kan tijdig actie ondernomen worden.